Lagere groei geneesmiddelenuitgaven

De uitgaven aan farmaceutische zorg via openbare apotheken zijn in 2008 in beperkte mate gestegen, tot € 4.795 miljoen. Tegenover een sterke toename van de uitgaven aan dure geneesmiddelen stond een drastische prijsverlaging van generieke geneesmiddelen als gevolg van de uitbreiding van het preferentiebeleid.

In 2008 is via openbare apotheken een bedrag van € 4.795 miljoen uitgegeven aan geneesmiddelen die binnen het wettelijk verzekerd pakket vallen. Dit is € 143 miljoen (3,1%) meer dan in 2007. In vergelijking met de voorgaande jaren is de uitgavengroei laag. De afgelopen jaren zijn de geneesmiddelenuitgaven namelijk met gemiddeld 6% per jaar gestegen.

Plussen
zijn drie hoofdoorzaken aan te wijzen die in 2008 een stuwend effect hadden op de geneesmiddelenuitgaven. Ten eerste groeiden de uitgaven door een toenemend gebruik van dure geneesmiddelen. De SFK rekent geneesmiddelen waarvan de kosten per voorschrift meer dan € 500 bedragen, tot de dure geneesmiddelen. De uitgaven hieraan namen met € 135 miljoen toe van € 704 miljoen in 2007 tot € 839 miljoen in 2008. Dit is een plus van 20%. Deze uitgavengroei gaat aan de reguliere (wijk)apotheek voorbij. Veel fabrikanten kiezen ervoor dure geneesmiddelen te leveren via één enkele groothandel en vaak ook via één landelijk werkende ‘apotheek’.

Ten tweede zijn de geneesmiddelenuitgaven met € 73 miljoen toegenomen doordat anticonceptiva weer voor alle vrouwen onder het wettelijk verzekerde pakket vallen. Van 2004 tot en met 2007 werd de pil uitsluitend vergoed aan meisjes en vrouwen tot 21 jaar. Overigens moesten pilgebruiksters van 18 jaar en ouder, als ze in 2008 geen beroep deden op andere zorgvormen, deze kosten evengoed zelf betalen vanwege het verplichte eigen risico van € 150,- .
Ten derde gebruiken Nederlanders steeds meer geneesmiddelen. Zonder de anticonceptiva mee te rekenen, nam het aantal verstrekte dagdoseringen (DDD’s) met 3,8% toe. Dit is zo’n 2,6% meer dan op grond van de vergrijzing en de bevolkingsgroei mocht worden verwacht. Deze groei kan voor een belangrijk deel worden verklaard doordat voorschrijvers consequenter richtlijnen en standaarden volgen waarin nieuwe therapeutische inzichten rondom geneesmiddelengebruik zijn vastgelegd.

Minnen
Prijsverlagingen bij generieke geneesmiddelen zijn de belangrijkste oorzaak van de gematigde uitgavengroei. Zonder deze prijsverlagingen zouden de totale geneesmiddelenuitgaven met 8,7% zijn gestegen. In het eerste kwartaal van 2008 daalden de prijzen van generieke geneesmiddelen met ruim 10% door afspraken van de minister met de sector in het Transitieakkoord. Dit bleek een voorbode van een veel verder gaande prijzenslag.

In aanvulling op het gezamenlijk preferentiebeleid dat een aantal zorgverzekeraars vanaf 2005 voert, nodigden de zorgverzekeraars Menzis, UVIT, CZ en Agis geneesmiddelenleveranciers uit om per 1 juni 2008 een landelijke prijs op te geven voor een aantal specifieke geneesmiddelen. Vervolgens beperkten ze per 1 juli 2008 de vergoeding tot de varianten waarvoor de goedkoopste prijs was opgegeven. Ondanks een sterke overlap in het gevoerde preferentiebeleid van de afzonderlijke verzekeraars, oordeelde de rechter dat er voldoende verschillen waren tussen de gekozen geneesmiddelen, aanwijzingstermijnen en voorwaarden.

Dit individuele preferentiebeleid ontketende een ware prijzenslag tussen generieke leveranciers. De prijzen van de belangrijkste generieke geneesmiddelen daalden met gemiddeld 85% en liggen nu ver onder het Europese niveau. Bij veel geneesmiddelen die niet bij dit preferentiebeleid betrokken zijn, leidde de reguliere aanscherping van de Wet Geneesmiddelenprijzen tot lagere prijzen.

De prijsdalingen bij generieke geneesmiddelen gingen ten koste van de inkoopvoordelen die apotheken realiseerden. Voor de rechter was dit aanleiding om de clawback in de tweede helft van 2008 te schorsen. Hiermee werd het effect van de prijsdalingen deels tenietgedaan. De Nederlandse Zorgautoriteit schatte de gevolgen van de prijsdalingen echter anders in en maakte de schorsing van de clawback in 2009 ongedaan door deze voor een periode van twee jaar te verhogen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *