Veel halve waarheden zijn samen nog geen hele

Halve waarheden zijn geen leugens, maar stroken ook niet met de realiteit. Aldus Nefarma in een reactie op een opinieartikel van huisarts Hans van der Linde vandaag in De Telegraaf, waarin hij schrijft dat geneesmiddelen veel te duur zijn en dat prijzen nergens op zijn gebaseerd. Patiënten zouden daarvan de dupe zijn.

Sommige aannames in zijn artikel kloppen, andere delen zijn onjuist. De geneesmiddelenmarkt is geen gewone markt, stelt Van der Linde. Dat klopt. Degene die kiest voor een product, de arts in overleg met de patiënt, betaalt in beginsel niet.

De prijs van een geneesmiddel ligt veel hoger dan de productiekosten, stelt hij verder. Ook dat klopt. De kosten van het maken van een medicijn liggen veel lager dan de prijs waarvoor het wordt verkocht. Dat die prijs willekeurig wordt vastgesteld, zoals Van der Linde zegt, klopt echter niet. De fabrikant moet met de verkoop niet alleen de productiekosten, maar ook de kosten van onderzoek en ontwikkeling terugverdienen. En niet alleen van dat ene geneesmiddel. Er zijn vele middelen die aanvankelijk veelbelovend lijken, maar uiteindelijk toch niet veilig genoeg blijken of teveel bijwerkingen vertonen. Die komen niet op de markt, leveren dus niets op, maar hebben wel miljoenen en miljoenen gekost.

Miljarden
De gezamenlijke farmaceutische bedrijven maken tientallen miljarden euro’s per jaar winst. Klopt. Dat is maar goed ook. Tegenover die winsten staan grote investeringen. Alleen in Europa en Amerika meer dan 60 miljard (!) euro per jaar. Bedrijven investeren permanent in onderzoek naar nieuwe of verbeterde medicijnen. Zonder die winsten komen er dus simpelweg geen nieuwe geneesmiddelen. De overheid heeft er geen miljarden voor over. Niet in Nederland, niet in Amerika, niet in Japan. Nergens. Bedrijven nemen de risico’s. Als de ontwikkeling mislukt, is er geen overheid of verzekeraar die de helpende hand reikt.

Hoge prijzen
Hoge premies van ziektekostenverzekeringen zijn het gevolg van hoge medicijnprijzen, beweert de huisarts. Het is hooguit een halve waarheid. Nieuwe geneesmiddelen kunnen namelijk dure ziekenhuisopnames vermijden. Of eraan bijdragen dat de zorgverlening veel langer in de thuissituatie plaatsvindt. Met medicijnen kunnen mensen langer aan het werk blijven. De opbrengsten van dat alles zijn veel hoger dan de kosten. Bovendien vormen de kosten van alle geneesmiddelen samen maar ééntiende van de totale kosten van de zorg. En dan hebben we het nog niet eens over een betere kwaliteit van leven. Toch niet onbelangrijk…

Onwaarheid
Fabrikanten kunnen vragen wat ze willen, stelt Van der Linde. Dat is niet eens een halve waarheid, maar een pertinente onwaarheid. In Nederland (en veel andere landen) wordt de maximumprijs door de wet vastgesteld. Daarmee is een geneesmiddel inderdaad een ander product dan vrijwel alle andere.

Sprookje
Dat hoge prijzen nodig zijn om uitgaven aan onderzoek en ontwikkeling te betalen, noemt Van der Linde een sprookje. Het is géén sprookje dat de farmaceutische bedrijfstak wereldwijd van alle sectoren het meeste uitgeeft aan onderzoek en ontwikkeling, tenzij cijfers van de Europese Unie sprookjes vertellen.

Waar Van der Linde wel weer een punt heeft, is dat patiënten soms moeten bijbetalen voor geneesmiddelen, zoals tegen een erectiestoornis. Waarom is dat? Omdat de verzekeraar ze niet vergoedt. Omdat de politiek het niet nodig vindt om deze middelen in het basispakket op te nemen. Dat kun je de fabrikant moeilijk verwijten.
Van der Linde heeft een goede pen en duidelijke mening. Ze maken zijn bijdragen lezenswaardig. Maar ze maken van een verzameling halve waarheden nog geen hele waarheid.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *