Verdeelde meningen over omzetten naar biosimilars

By | 29/05/2015

Is het een probleem als gebruikers van originele biologische geneesmiddelen voortaan een biosimilar krijgen voorgeschreven, een nagemaakte variant, die veelal aanzienlijk goedkoper is? Deskundigen verschillen van mening of zo’n omzetting verantwoord is.

De verschillende opvattingen kwamen duidelijk naar voren tijdens een Lagerhuisdebat op donderdagmiddag 28 mei 2015, georganiseerd door het Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik en Nefarma. Tientallen zorgdeskundigen, van arts en apotheker tot zorgverzekeraar en specialisten van geneesmiddelfabrikanten discussieerden over de komst van steeds meer biosimilars.

Als patiëntenorganisatie die veel te maken heeft met de komst van deze geneesmiddelen, trok het Reumafonds de conclusie patiënten voorlopig nog niet te adviseren met een gerust hart over te stappen van een bestaande biologische TNF-alfaremmer op een biosimilar. Reden: de meningen van deskundigen of dit veilig kan, lopen nog teveel uiteen.

Geen exacte kopie
Biosimilars mogen op de markt verschijnen, zodra het octrooi (patent) van een biologisch geneesmiddel verloopt. Vaak zijn ze goedkoper. Probleem is echter dat een biologisch geneesmiddel door zijn oorsprong nooit exact te kopiëren is.

Hierdoor zijn Mike Nurmohamed, hoogleraar reumatologie van het VUmc, collega-reumatologen – én Nefarma – van mening dat je mensen die al langer een biologisch geneesmiddel gebruiken en daar goed op zijn ingesteld, niet zonder medische reden mag omzetten op een biosimilar. De kans bestaat dat ze vervelende bijwerkingen krijgen of een terugval in hun ziekteproces. Volgens Nurmohamed en verschillende andere aanwezigen bij het debat moet eerst nog uitvoeriger onderzoek worden gedaan.

Niet iedereen
Deze opvatting werd echter lang niet door iedereen gedeeld. Martin Favié, oud-apotheker en voorzitter van de Bond van generieke geneesmiddelenfabrikanten (Bogin), Henk Eleveld contractmanager farmacie van zorgverzekeraar Menzis en enkele andere deskundigen vonden dat veranderen op een verantwoorde wijze kan plaatsvinden, als patiënten goed worden geïnformeerd. Volgens hen hebben artsen en patiënten ook een medeverantwoordelijkheid voor het in toom houden van de uitgaven van de gezondheidszorg. ‘Geld mag best een reden zijn’. Zij kregen bijval van Bart Benraad, apotheker van de Maartenskliniek. Die zei dat reumapatiënten in zijn kliniek die daarmee instemmen, binnenkort worden overgezet van een ‘dure’ biologische TNF-alfaremmer naar een goedkopere biosimilar. Dit wordt gedaan in nauw overleg met het Radboudumc. Mochten er klachten optreden, dan krijgen mensen weer hun vertrouwde middel.

Degenen die vinden dat omzetten verantwoord is, zien zich gesteund door een recent door het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen ingenomen standpunt. Omzetten is verantwoord, aldus het CBG, als aan bepaalde voorwaarden is voldaan. Het nieuwe standpunt is tot stand gekomen na bestudering van nieuwe onderzoeken.

Meer gebruikers
Tineke Markus, directeur van CCUVN, patiëntenvereniging voor Crohn en colitis ulcerosa, wilde niet graag in de schoenen van patiënten staan. Die zijn volgens haar vaak dolblij als ze na lang zoeken eindelijk een goed werkend middel hebben. Ze staan daarom bepaald niet te springen om iets anders (goedkopers) te proberen. Onzekerheid is daarbij een belangrijke factor.

Volgens Michele Manto, directeur van geneesmiddelfabrikant AbbVie en voorzitter van de biosimilarswerkgroep van Nefarma, is het onverstandig patiënten die goed reageren op een geneesmiddel nu om financiële redenen om te zetten op een ander middel. Hij legde uit dat het aantal gebruikers van biosimilars vanzelf zal toenemen. “Zo’n één op de vijf chronisch zieken komt jaarlijks voor het probleem te staan dat het gebruikte biologische geneesmiddel niet meer goed werkt. Zij moeten op medische gronden een ander middel krijgen. Dat kan goed een biosimilar zijn”.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *